Schriftelijke vragen van Bo Lemmens (PvdA), Rembrandt Rowaan (GroenLinks), Antoine Theeuwen (SP), Joanne Sloof (CDA), Famke Güler (Partij Sleutelstad), Friso Versluijs (VVD), Dagmar Doorn (CU), Claire van Megen (SVL), Linda Beimer (D66), Julia de Groot (FDG) en Malcolm Jones (PvdD) aan het College van Burgemeesters en Wethouders van de gemeente Leiden over de noodkreet van de Inspecties: toezicht op veiligheid door pleegzorg en jeugdbescherming is onvoldoende (ingediend: 13 oktober 2025)
Antwoord van Burgemeester en Wethouders (29 oktober 2025):
De Inspecties Gezondheidszorg en Jeugd en Justitie en Veiligheid hebben recent opnieuw aangegeven dat de veiligheid van kinderen in de jeugdbescherming en pleegzorg onder druk staat. Ook in Leiden blijkt dit een actuele kwestie: uit de brief Ontwikkelingen gespecialiseerde jeugdhulpjeugdbescherming van 24 september 2025 komt naar voren dat 16 kinderen in Leiden geen vaste jeugdbeschermer hebben. Dat roept zorgen op over continuïteit en veiligheid.
Op grond van artikel 45 van het Reglement van Orde stelt het lid Lemmens (PvdA), het lid Rowaan (GroenLinks), het lid Theeuwen (SP), het duo-lid Sloof (CDA), het lid Güler (Partij Sleutelstad), het lid Versluijs (VVD), het duo-lid Doorn (CU), het duo-lid Van Megen (SVL), het lid Beimer (D66), het lid De Groot (FDG) en het lid Jones (PvdD) het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Leiden de volgende vragen:
- Is het College bekend met de meest recente noodkreet van de Inspecties Gezondheidszorg en Jeugd en Justitie en Veiligheid, waarin wordt gesteld dat de veiligheid van kinderen in pleegzorg en jeugdbescherming ernstig tekortschiet? In de Wethoudersbrief Ontwikkelingen gespecialiseerde jeugdhulp- jeugdbescherming, d.d. 24 september 2025, is te lezen dat 16 kinderen in Leiden geen vaste jeugdbeschermer hebben.
Antwoord: Ja, het College is bekend met de noodkreet van de inspectie Gezondheidszorg en Jeugd & Inspectie Justitie en Veiligheid. Als 13 gemeenten van de jeugdhulpregio Holland Rijnland voelen we een grote verantwoordelijkheid voor de kinderen en gezinnen in onze regio.In de Wethoudersbrief Ontwikkelingen gespecialiseerde jeugdhulp- jeugdbescherming, d.d. 24 september 2025, is te lezen dat 16 kinderen in Leiden geen vaste jeugdbeschermer hebben.
- Hoe verklaart het College dat er op dit moment in Leiden 16 kinderen geen vaste jeugdbeschermer hebben?
Antwoord: Er zijn enkele verklaringen voor het feit dat er momenteel 16 kinderen geen vaste jeugdbeschermer hebben. De krapte op de arbeidsmarkt zorgt, in combinatie met het zwaarder worden van het werk, voor onvoldoende beschikbare vaste jeugdbeschermers voor gezinnen met een kinderbeschermingsmaatregel. Als een jeugdbeschermer uitvalt of vertrekt is de consequentie dat de kinderen die onder deze jeugdbeschermer vallen geen vaste jeugdbeschermer meer hebben.
We staan, samen met onze partners, klaar voor de kinderen zonder vaste jeugdbeschermers. De wijze waarop we dit doen staat onder vraag 5 beschreven.
- Welke stappen worden er vanuit de gemeente en de regio gezet om dit aantal zo snel mogelijk terug te brengen, en op welke termijn verwacht het College verbetering te zien?
Antwoord: Hieronder worden de verschillende stappen beschreven die gezet worden samen met de jeugdhulpregio Holland Rijnland om dit aantal zo snel mogelijk terug te brengen:
- We werken in de jeugdhulpregio Holland Rijnland aan een plan van aanpak dat zich richt op de instroom en uitstroom van personeel en het anders inzetten van personeel met als doel de aantallen jeugdigen zonder vaste jeugdbeschermer terug te brengen naar 0. Voorbeelden van acties die opgenomen zijn in dit plan van aanpak zijn:
- Analyse van de voorlopige ondertoezichtstellingen (VOTS). Dit zijn spoedmaatregelen; zaken die per direct opgepakt moeten worden, dit kan ten koste gaan van regulier wachtende kinderen.
- Om Jeugdbescherming West (hierna JB West) te ontlasten en te voldoen aan de wettelijke taak van de gemeente is de pilot ‘Begeleide bezoeken door Cardea’ ingezet en zijn structurele middelen gevonden voor Cardea om, in plaats van JB West, de begeleide bezoeken uit te voeren.
- De vier vertegenwoordigende wethouders van de regio Zuid-West en JB West hebben een overeenkomst gesloten: het Bestuurlijk Akkoord continuïteit jeugdbescherming 2025-2029. Hierin is vastgelegd hoe te handelen en de continuïteit van JB West te borgen op het moment dat het aantal kinderbeschermingsmaatregelen met meer dan 5% per jaar daalt.
- Naar aanleiding van het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming zijn ook stappen ondernomen om het aantal kinderen zonder vaste jeugdbeschermer terug te brengen. Voorbeelden hiervan zijn:
- Bestuurlijke opdracht Toekomstscenario
- Een pilot verklarende analyse.
- Het project ‘Samenwerken aan Veiligheid’. Dit project richt zich op het versterken van de lokale teams om jeugdbeschermingsmaatregelen te voorkomen.
- Wat is de inzet van het College om dit te voorkomen, zodat dit probleem duurzaam opgelost kan worden?
Antwoord: Zie antwoord op vraag 3.
- Hoe houdt het College zicht op de veiligheid van kinderen die tijdelijk geen vaste jeugdbeschermer hebben, en hoe wordt hierbij samengewerkt met pleegzorgaanbieders en jeugdbeschermingsinstellingen?
Antwoord: Jeugdhulpregio Holland Rijnland werkt samen met Jeugdbescherming West om het aantal gezinnen zonder vaste jeugdbeschermer omlaag te krijgen. Er wordt gebruik gemaakt van een monitor om het aantal jeugdigen zonder vaste jeugdbeschermer te monitoren.
De kinderen die wachten op een vaste jeugdbeschermer worden op regionaal niveau, geprioriteerd op basis van de mate van veiligheid en de duur van de wachttijd. Kinderen die geen vaste jeugdbeschermer hebben, zijn in beeld. Deze kinderen en gezinnen kunnen te allen tijde contact opnemen met een waarnemer via de bureaudienst voor hulp en ondersteuning. Kinderen zonder vaste jeugdbeschermer blijven in beeld van de Jeugdteams Leidse regio, begeleidende/behandelende organisaties en/of scholen. Ook hier kunnen kinderen en gezinnen terecht voor hulp en ondersteuning.
De Inspecties geven aan dat gezinnen de benodigde hulp vaak niet krijgen omdat gemeenten steeds vaker in discussie gaan met de jeugdbescherming of de geadviseerde ‘dure’ hulp wel nodig is.
- Herkent het College de signalen van de Inspectie dat gemeenten soms geadviseerde hulp afwijzen vanwege financiële overwegingen?
Antwoord: Nee, het College herkent zich hier niet in. De jeugdbescherming maakt samen met de ouders en andere betrokkenen een plan om de zorgen weg te nemen en zorgt ervoor dat de benodigde hulp wordt ingezet op basis van de inhoud.
- Hoe garandeert het college dat in Leiden altijd noodzakelijke jeugdbescherming beschikbaar is, ook als dit om intensieve of dure zorg gaat?
Antwoord: Zie antwoord op vraag 5 en 6.
- Welke lessen trekt het College uit de recente casus in Vlaardingen[1] en hoe wordt voorkomen dat vergelijkbare situaties zich in Leiden voordoen?
Antwoord: De inspecties hebben in hun rapport gewezen op het belang van een goede samenwerking tussen jeugdbeschermer en pleegzorgbegeleider. Hierop is de afgelopen jaren ingezet tijdens de kwartaalgesprekken met de gecertificeerde instellingen (GI). Naar aanleiding van de casus in Vlaardingen is door de regio en GI’s uitvoerig stilgestaan bij de lessen die hieruit zijn te trekken. Dit heeft geleid tot een hernieuwde screening door de GI’s van alle cases met een hoog risicoprofiel.
1 Meisje (10) zwaargewond, pleegouders vast voor mishandeling